 |
 Saar schrijft een brief aan burgemeester Cohen
Persoonlijk
|
23 Februari 2009 | 15:50:28
 |
Geachte heer Cohen,
Graag reageer ik op uw besluit wat u samen met de heer Aboutaleb heeft genomen om de komende 5 jaar geen uitsupporters toe te laten bij de wedstrijdklassieker AJAX-Feyenoord.
Ik was aanwezig bij het onthaal van de Feyenoordsupporters. Het onthaal hoort bij een wedstrijd zoals deze en daar kijkt menig supporter naar uit. Dat draagt namelijk bij aan de beleving van een wedstrijd. Dat de ME daar in groten getale bij aanwezig is, hoort er ook bij. Dat de ME zonder aantoonbare reden charges uitvoert bevreemdt mij. Maar ach, ook dat hoort er ook bij, dit gaat immers al jaren zo. Dat de ME na wat lukraak rondgeknuppeld te hebben vervolgens kleine voorwerpen en verwensingen toegeworpen krijgt is een logisch vervolg. Let wel, ik praat dit gedrag niet goed net zomin ik de acties van de ME goed praat op het moment dat charges niet nodig zijn. Maar, meneer Cohen, dit gaat al jaren zo en is dit jaar echt niet anders dan voorgaande jaren. Sterker nog, het ging er dit jaar netter en vredelievender aan toe dan alle voorgaande jaren in ogenschouw genomen. De supporters waren duidelijk onder de indruk van de woorden van u en uw collega uit Rotterdam. Chapeau!
Over de wedstrijd zelf wil ik niet veel kwijt. Het niveau van de wedstrijd was laag en er hebben geen kwetsende spreekkoren geklonken dus de wedstrijd zelf doet nu niet ter zake.
Dat Feyenoordsupporters vervolgens na het zien van het amateuristische gedrag van hun club alsnog besloten kwetsende liederen in te zetten is heel jammer. U zegt dat u de beelden heeft gezien dus heeft u kunnen zien dat het om enkele gefrustreerde Feyenoord fans ging. Geef ze eens ongelijk. Maar buiten het feit dat u ze wel of geen gelijk geeft wil ik benadrukken dat dit gebeurde na de wedstrijd en niet tijdens de wedstrijd. Het zou dus geen gevolgen mogen hebben op uw voorgenomen besluit om uitsupporters de komende vijf jaar te weren indien er kwetsende spreekkoren zullen klinken tijdens de wedstrijd.
Ik heb daarom voor mijzelf de volgende conclusie gemaakt. Alvorens ik deze uiteenzet wil ik benadrukken dat ik u nergens van beschuldig maar dat het mijn kijk op deze zaak is: Het zou mij niets verbazen als u afgelopen zondagochtend met een kop koffie in de ene hand en de krant in uw andere hand naast uw telefoon zat te wachten op het bericht dat u uw maatregel kon doen laten gelden. Helaas bleef het verlossende telefoontje uit. Om een handje te helpen heeft u vervolgens opdracht gegeven om ME-busjes door de menigte te laten scheuren om zo een negatieve sfeer te creëren. En dat er ook best wat onnodige charges uitgevoerd konden worden zodat het schelden en het gooien met voorwerpen naar de ME vanzelf zouden volgen. En dit heeft inderdaad gewerkt. Er is inderdaad wat gescholden en er zijn inderdaad een verdwaald flesje en 3 blikjes lege bier naar de ME gegooid. Voor u reden genoeg om dan eindelijk uw maatregel in te voeren. Want laten we eerlijk wezen, meneer Cohen, geen uitsupporters scheelt namelijk in kosten. En aangezien de financiële crisis volgens kenners de komende twee jaar aanhoudt, spaart dit de gemeente de komende twee jaar aanzienlijke kosten uit. En mocht de crisis nog niet overgewaaid zijn na deze twee jaar, dan heeft u gelukkig de overige drie jaar nog achter de hand. Slim hoor. Ik begrijp het ook nog. Al het geld wat de gemeente heeft moet immers in die farce van een Noord-Zuidlijn gepompt worden. Misschien moet u daar gewoon eens de stekker uittrekken. Het zou alleen zo fijn zijn als u hier eerlijk over zou wezen. Daar bent u immers Amsterdammer voor. Als u nou ook nog Barmhartig zou willen zijn, wordt u misschien zelfs ooit een Ajacied.
Tot slot wil ik graag eindigen met te zeggen dat schelden geen pijn doet. Zeker niet voor een ME’er die hierop getraind en gekleed is. De charges en de rondzwaaiende knuppels die op onschuldige supporters neer komen (lees: vaders met jonge kinderen) doen echter wel pijn, ook in mijn hart.
Vriendelijke groet,
Saar |
|
|
 |
 |
 Saar en Sport
Persoonlijk
|
14 December 2008 | 19:54:16
 |
"Volgens mij is de weegschaal stuk", zeg ik tegen Vriend nadat ik in 2 dagen 1 kilo ben aangekomen en dat terwijl ik me redelijk netjes aan Sonja Bakker-achtige maaltijden heb gehouden. Hij kijkt me meewarrig aan. Hmm, dat zegt genoeg. De weegschaal is dus niet stuk. What to do? Vanzelf gaan die overbodige kilo's er ook niet meer af aangezien buitenspelen, zoals tikkertje, blikkietrap of in bomen klimmen een beetje raar blijkt te zijn op mijn leeftijd. Maar ik wil wel dat die extra kilo's verdwijnen en ik wil ook helemaal gezond worden. Echt stoppen met roken dus, niet meer af en toe (elk weekend) een sigaretje roken. En ook het alcoholgebruik drastisch naar beneden bijstellen. Zen wil ik zijn! Dus ik struin het internet af. Na enig speurwerk heb ik besloten om naast elke dag naar mijn werk te fietsen (half uur heen, half uur terug) a.s. maandag naar de sportschool te gaan. Eerst een halfuur buikspieroefeningen. In een klasje. Anders zit ik binnen no-time gezellig aan de bar van de sportschool vrienden te maken met de barman. En daarna een uur Pilates. Gezond voor lichaam én geest! Klinkt zeer zen. En dat heb ik nodig. Ik begin al enthousiast te worden. En hier blijft het niet bij, op woensdag wil ik dan een uur 'Cycling' gaan doen. Spinning dus. Ik kijk er zowaar naar uit. Eerst de verjaardag van Vriend voorbij laten gaan waar ik nog heel a-zen mag zijn en dan aan de slag!
Op die bewuste verjaardag begint een vriend van Vriend enthousiast tegen me aan te praten: "Saar, je moet echt op softbal. Is echt iets voor jou!"
Toch lief en leuk als iemand denkt dat je zeer sportief bent. Juist omdat je de laatste weken een kilootje of meer extra op je heupen hebt gekregen.
Net als ik wil vragen waarom dat dan iets voor mij zou zijn, vervolgt hij: "Al die meiden roken stiekem, net als jij, en na elke training en wedstrijd is het verplicht bier drinken!"
Dus nu ben ik weer aan het twijfelen. Sportschool of Softbal, Sportschool of Softbal, Sportschool of Softbal? Misschien moet ik morgen eerst acclimatiseren bij de Sportschool en daar aan de bar onder het genot van een glaasje wijn toekijken of dat hele zen-gebeuren wel echt iets voor mij is. |
|
|
 |
 Man Versus Vrouw
Persoonlijk
|
20 Augustus 2008 | 17:01:34
 |
Een zondagavond. Een avondje doelloos zappen. Op RTL4 wordt het programma “Man Vrouw” uitgezonden, gepresenteerd door Linda de Mol en Beau van Erven Dorens.
Ik blijf hangen bij het item: een man denkt gemiddeld 80 x per dag aan sex. Zo veel? Nee meer, zo zegt een of andere stand-up comedian met plat Amsterdams accent. Om dit te bewijzen gaat hij met een piepapparaatje de straat op. Elke keer als hij aan sex denkt drukt hij op het apparaat en klinkt er een piepje. Bij elke redelijk uitziende vrouw wordt de knop ingedrukt. En binnen no-time is hij de 80 piepjes gepasseerd.
'Jezus, wat stom,' roep ik uit. 'Alsof je bij elke vrouw gelijk aan sex denkt.’ Ik lach heel hard.
Vriend blijft stil.
Ik trek mijn wenkbrauw iets omhoog en vraag verwonderd: 'Zeg schat, een man denkt toch niet gelijk aan sex bij elk lekker wijf die langsloopt?'
'Kennelijk', is het antwoord terwijl hij stug naar de tv blijft kijken.
'Hoe bedoel je ke-nne-lijk? Jij bent een man, jij weet dat toch?'
'Nou ja, ummm, tja, je zegt het zelf al. Lekker wijf.’
Hij schuift wat ongemakkelijk op de bank heen en weer. Dit vergt duidelijk een iets diplomatiekere aanpak.
'Maar liefie’, zeg ik alleraardigst, 'denk jij, euh ik bedoel, denken mannen dan gelijk aan sex?’
'Nou ja,' mompelt hij, 'als ze sex uitstraalt.'
Korte antwoorden. Ik weet genoeg. En meer informatie kan ik toch niet uit hem trekken want hij is blijkbaar bang dat hij foute dingen gaat zeggen terwijl ik gewoon heel erg mijn best doe om "De Man" te doorgronden. Een close up van Linda de Mol. Het is een mooie vrouw. Ik kijk naar Vriend. Zou hij nu aan sex denken? Ik word niet wijzer van zijn gezichtsuitdrukking. Dan maar zelf op onderzoek uit. Elke man die voorbij flitst op TV bestudeer ik en ga bij mezelf na wat ik dacht op het moment van voorbij flitsen.
Een close-up van een mannelijke kandidaat in het publiek. Een prachtige jongen. Geen lekkere jongen maar een prachtige jongen. Het eerste waar ik aan denk is: ‘Zou hij homo zijn? Op wat voor mannen zou hij dan vallen? Is die jongen naast hem zijn vriend?’
Dan komt er een andere jongen in beeld. Een ietwat gladde jongen met te veel gel in zijn haar en een zelfverzekerde uitdrukking die hem niet misstaat. ‘Oei’, denk ik, ’die is niet te vertrouwen. Dat zie je zo.’
Verdomme, weer niet meteen aan sex gedacht. En zo schieten er nog wat mannen voorbij die te oud, te jong, te dik of te lelijk zijn. Maar aan sex denk ik niet.
Beau van Erven Dorens komt weer in beeld. Beau is niet lelijk. Niet het type waar ik doorgaans op val maar hij ziet er goed uit. Maar aan sex met Beau heb ik werkelijk nog nooit gedacht. Dus ga ik heel hard aan sex met Beau denken. Maar hoe hard ik ook probeer, ik kan me er geen voorstelling bij maken. Ik moet eigenlijk alleen lachen bij de voorstelling die ik probeer te maken. Misschien heb ik niet genoeg fantasie. En daar schrik ik van. De rest van het programma zie ik met een half oog want ik pieker me suf over het feit dat ik misschien niet genoeg fantasie heb. Dat ik een fantasieloos wezen ben. En ik hou niet van fantasieloze wezens.
Gelukkig slaap ik 's nachts heerlijk. Ik droom van sex met Beau. Die avond is Beau weer op TV, nu met Deal Or No Deal. En verrek, het eerste waar ik aan denk als ik Beau zie, is aan die droom en dus aan sex. Daarna verplicht ik mezelf om naar Ocean’s Eleven te kijken. Ook al heb ik die film al vier keer gezien want wie weet droom ik vanavond over Brad Pitt.
|
|
|
 |
 Saai!
Persoonlijk
|
22 Juli 2008 | 23:20:24
 |
Eens in de zoveel tijd neem ik me voor om weer stukjes te schrijven. Omdat mensen dat vragen. Omdat ze het zonde vinden dat ik niets meer schrijf. Omdat ze mijn stukjes de moeite waard vinden om te lezen. En ik geef toe: dat is leuk om te horen. Dus zit ik achter de pc heel hard na te denken over wat ik heb meegemaakt de laatste tijd wat leuk en interessant genoeg is om er een log aan te wijden. Na een uurtje gezeten te hebben zonder één woord op papier gezet te hebben, geef ik het op. "Verdomme", zucht ik tegen Vriend, "ik maak niks meer mee. Mijn leven is f*cking saai." En ik kijk heel ontevreden. Vriend kijkt niet eens op van zijn krant als hij antwoordt: "We hebben net een fantastisch weekend achter de rug waarin je meermalen hebt verkondigd hoe perfect je leven op het moment is. Dus hoe bedoel je? Je leven is saai?"
Tja, daar heeft ie dan wel weer gelijk in. Maar om nou op mijn blog te zetten dat we het hele weekend hebben lopen rollebollen in een enorm chique en achterlijk duur hotel waar we 20 euro per persoon voor het ontbijt moesten betalen en waar we tot de ontdekking kwamen dat je het niet lang uithoudt in de sauna als je te veel gedronken hebt maar wat wel erg grappig is, gaat ook weer wat ver. Dat hoeft toch niemand te weten?
En dat vindt Vriend eigenlijk ook. Dus sorry lieve mensen die mijn berichtjes graag lezen, mijn leven is saai. Ik maak niks mee. En daarom schrijf ik bijna nooit meer want ik heb niets leuks te vermelden. Alhoewel, we hadden champagne bij het ontbijt in het enorm chique en achterlijk dure hotel. En zalm. En pannenkoekjes met warme kersen. En dat is dan wel weer een vermelding waard. |
|
|
 |
 Hoe ik niet in de ringvaart gedumpt werd
Persoonlijk
|
13 Februari 2008 | 16:03:31
 |
Ik ben met skiën onderuit gegaan. Niet heel hard maar toch hard genoeg om last van mijn rug te krijgen. De volgende dag kan ik daarom niet meer skiën. Maar het is de laatste dag van de vakantie dus ik ben niet zielig. Hoewel.... zitten doet pijn, lopen doet pijn en liggen doet pijn. Een beetje zielig ben ik dus wel.
Een terugreis van 11 uur in een auto is niet bevorderlijk voor een pijnlijke rug. Evenmin als eenmaal thuis een doos op te tillen en een loodzwaar bed te verschuiven in verband met onze verhuizing. Ik ben gevloerd en kan niets meer.
Ik ben niet iemand die snel naar de dokter gaat maar ga er altijd vanuit dat iets vanzelf weer overgaat. En dat is in veel gevallen ook zo. En daarom ga ik maandag strompelend naar mijn werk. Dinsdag gaat het al iets beter (zie je wel) en 's avonds pak ik verhuisdozen in. 's Nacht word ik wakker van de pijn. Heel veel pijn. Ik dwing mezelf op te staan om aspirines te pakken en te toiletteren. Het gaat niet gemakkelijk en dit is een understatement maar ik weet het toilet te bereiken. Op het toilet flikkeren er sterretjes voor mijn ogen en dan gaat het licht uit. Het volgende moment word ik wakker op de grond door de stem van Vriend. Ik ben flauwgevallen. En daar schrik ik van want ik ben in mijn leven nog nooit flauwgevallen. De nachtdokter (of hoe heet zoiets?) adviseert ons om 's ochtends naar de dokter te gaan. Rond 10 uur heb ik een afspraak. Ik durf niet meer te slapen.
Uiteraard wil ik fris en fruitig (waarom eigenlijk?) bij de dokter verschijnen dus ik wil douchen. Vriend ondersteunt en helpt me.
"Schat?" vraag ik met een heel lief stemmetje, wetende dat hij bezorgd is en daarom alles voor me zal doen wat ik vraag. "Wil jij mijn benen effe scheren?" En ik glimlach een zeer hulpbehoevend glimlachje. "Ja, want weet je", vervolg ik, "straks moeten ze ook aan mijn benen zitten en dan is het niet prettig dat ze hun handen openhalen aan mijn naar schuurpapier voelende benen". En ik glimlach nogmaals een zeer innemend en hulpbehoevend glimlachje.
Voor uw informatie: door de pijn in mijn rug heb ik mijn benen niet glad en zijdezacht als altijd kunnen houden (ahum, ahum) omdat ik simpelweg mijn been niet omhoog kreeg en ik ook niet in staat was mijn rug te buigen. Niet dat u straks denkt dat ik altijd met een stoppelbaard op mijn benen rondloop. Kom nou!
Maar Vriend denkt hier duidelijk anders over. "Je bent verdomme net flauw gevallen", blaft hij mij toe. Hij begrijpt absoluut niet hoe ik me op dit moment zorgen over zoiets onbelangrijks kan maken.
Het is dat ik niet in staat ben om te stampvoeten maar anders had ik dat gedaan. En pruillipje, smeekbedes, lieve woordjes en zelfs van pijn vertrokken gezichten helpen niet. Zijn nee blijft nee.
Als ik later mijn moeder aan de telefoon heb zegt ze opgelucht te zijn dat Vriend geen vriend met een bootje heeft en dat hij god-zij-dank gewoon de dokter heeft gebeld. Na het gesprek realiseer ik me met een schok dat Vriend wel een vriend met een bootje heeft. Hij heeft zelfs een vader met een bootje. Maar Vriend heeft, anders dan sommige anderen op deze wereld, mij geholpen, hij heeft mij verzorgd én hij heeft een dokter gebeld. Stiekem bestudeer ik hem als hij de verhuisdozen inpakt en ik stoned van de medicijnen niets anders kan en mag doen dan toekijken. Oké, hij heeft mijn benen dan wel niet geschoren maar de dokter heeft niet aan mijn benen hoeven zitten dus ik vergeef hem dit. Veel belangrijker is dat Vriend mij niet heeft laten dumpen in de ringvaart. En mocht ik het nog niet weten, dan weet ik het nu wel: als dit geen echte liefde is! |
|
|
 |
 2008
Persoonlijk
|
31 December 2007 | 18:25:08
 |
Nog een paar uur en dan is dit log van vorig jaar.
2008. Ik houd niet van voornemens. Simpelweg omdat ik me heel veel kan voornemen maar helaas niet bezit over een grote dosis doorzettingsvermogen. Als ik dat wel had gehad was ik een wonderkind geweest. Dan had ik uitgeblonken in alles waar ik ooit een begin mee heb gemaakt. Ja, dat denk ik.
Zo wilde ik per se een klarinet en op les. Dus mijn ouders kochten een klarinet. Na één jaar gaf ik er de brui aan want ik had verwacht na dat ene jaar toch wel bij het Nederlands Philharmonisch Orkest een plek bemachtigd te hebben in plaats van kinderachtig klinkende melodiën ten gehore te brengen. Na dit fiasco wilde ik per se piano spelen. Dus mijn ouders kochten een piano. Na één jaar had ik er al meer dan genoeg van want mijn tonen klonken niet zoals die van Wibi 'Disney' Soerjadi. En dan geef ik op hè. Als iets me niet snel genoeg lukt, dan geef ik op.
Gemakshalve zal ik niet beginnen over turnen, schermen, softbal, atletiek, hardlopen en zelfs dit jaar nog: basketbal. En ik zal u ook niet vervelen met alle hobbies die ik heb gehad of gehad zou willen hebben.
Geen voornemens dus. Maar het is altijd leuk om te lezen wat je anders zou willen zien, wat je wil gaan bereiken of wat je mee zou willen maken in een nieuw jaar dus toch 10 punten met voornemens die geen voornemens zijn:
-
Dat ik in 2008 regelmatig uit vrije wil ga hardlopen;
-
Dat angst mij vreemd is in 2008 als ik bovenaan een zwarte piste sta en deze sierlijk sjoefend naar beneden ski;
-
Dat ik in 2008 een pokertoernooi in het casino ga winnen;
-
Dat ik in 2008 mijn kleren achter mijn kont opruim;
-
Dat in 2008 AJAX landskampioen wordt (hier kan ik uiteraard niet voor zorgen maar ik wil het wel aangezien het mijn leven een stuk aangenamer maakt. Voor meer duidelijkheid: zie ook dit logje);
-
Dat als iemand in 2008 mij kwetst ik dit ook aan die betreffende persoon laat weten en het niet onuitgesproken tussen ons in laat hangen;
-
Dat ik in 2008 een ervaren klussen word;
-
Dat ik in 2008 mooie foto's ga maken en bewerken, gewoon omdat mij dit leuk lijkt en omdat ik denk dat ik er goed in ben *grijns*;
-
Dat ik in 2008 een mooie reis ga maken met Vriend;
-
Dat ik in 2008 écht ga stoppen met roken.
Hmm, dit rijtje schreef ik wel erg snel op. Ik zou er in een handomdraai twintig punten van kunnen maken. Maar dit is al confronterend genoeg. Want de meest waarschijnlijke van dit hele rijtje is dat AJAX landskampioen wordt. En dat wordt al erg lastig.
Behalve het stoppen met roken. Want vanaf morgen rook ik geen sigaretten meer. Alhoewel, vanaf overmorgen.. Of vanaf na mijn verjaardag.
Slik! |
|
|
 |
 Dus . . .
Persoonlijk
|
18 December 2007 | 13:23:07
 |
Ik schreef over Liefdesverdriet. Over het verhuizen van de mooiste stad van de wereld naar een dorp aan de rand van deze mooiste stad. Over met vrienden in het park hangen. Over het niet meer om de hoek even snel een biertje halen of iets soortgelijks. Over schijtende duiven. Over het burgerlijk wonen in een dorp. Ik schreef over het gemis van Amsterdam.
Eén jaar later verhuis ik weer terug naar Amsterdam. Ik zou moeten schreeuwen van geluk, ik zou dolblij moeten zijn. En dat ben ik ook. Ik verhuis samen met Vriend naar een mooi appartement wat wij samen naar onze smaak gaan inrichten. Leuk!
Maar ach, als het appartement in het Dorp had gestaan was ik niet minder blij geweest. Echt niet.
Ik word burgerlijk. So f*cking what? |
|
|
 |
 Wensdag
Persoonlijk
|
17 December 2007 | 14:36:45
 |

Een oproep op het Intranet. Oproepjes op Intranet zijn leuk. Daar was ik na één dag in dienst bij de Loterij al achter. Deze was ook nog eens bijzonder: in samenwerking met Stichting Doe een Wens een wensdag organiseren.
Stichting Doe een Wens vervult de liefste wens van kinderen tussen 3 en 18 jaar met een levensbedreigende ziekte. Dit leek mij geweldig om te doen dus ik twijfelde geen moment om me op te geven.
Samen met 2 andere collega’s behoorde ik tot de gelukkigen om op 31 oktober de wensdag van een kind te vervullen.
Tijdens de eerste bijeenkomst kwam iemand van Stichting Doe een Wens vertellen wat de bedoeling was. De wensdag was voor een meisje van 3 jaar met leukemie. Vanwege verkeerde medicatie heeft ze tot 3 keer toe op de intensive care gelegen.
We kregen te horen dat ze dol is op heksen, Pipi Langkous en paarden. En met deze informatie zijn we aan de slag gegaan om in twee weken tijd de wensdag in elkaar te draaien.
Het heeft ons wat tijd gekost en veel mogelijke en onmogelijke ideeën passeerden de revue maar uiteindelijk kwamen we met zijn allen tot een mooi concept om de wensdag te laten slagen.
Maandag 29 oktober, 2 dagen voor de wensdag, kwamen we voor het laatst bij elkaar om de puntjes op de i te zetten. Alles was geregeld en we stonden te popelen. Die avond raakte ik niet uitgepraat over de wensdag. Maar rond half 10 kreeg ik een sms van mijn collega. Het meisje was met hoge koorts opgenomen in het ziekenhuis. De wensdag ging niet door. Dat was best een klap. Ik had het meisje nog nooit gezien, zelfs niet op een foto maar we waren met zijn allen zo intensief bezig voor deze wensdag dat het er toch behoorlijk inhakte.
Gelukkig kregen we ruim 3 weken later het bericht dat ze weer uit het ziekenhuis was. We konden een nieuwe datum gaan prikken.
Namens Pipi Langkous schreven we haar een brief. Pipi was haar paard, Witje, kwijt en ze kon de hulp van het meisje en haar zusje goed gebruiken om Witje terug te vinden. En zo geschiedde.
Dinsdag 11 december kwam Pipi Langkous struikelend over haar eigen koffers en brutaal als ze was het huis binnen vallen. De kinderen waren meteen dol op Pipi die de hele dag hun grote held bleef. Na kennis gemaakt te hebben en cadeautjes gegeven te hebben vertrok de hele familie, inclusief opa en oma’s, in een grote witte limousine naar een manege in de buurt waar Pipi, Witje voor het laatst had gezien. Helaas troffen ze op de manege ook geen Witje aan, maar wel een heks en een lakei. De heks had Witje weggetoverd maar wist niet meer hoe ze Witje terug moest toveren. Nadat de kinderen ook wat spreuken hadden geprobeerd en Witje nog steeds niet terug was, besloten ze om naar de toverschool te gaan. In een mooie prinsessenkoets, getrokken door 2 paarden gingen ze op weg naar het prachtige Kasteel Rosendael.
Ikzelf heb deze ochtend niet meegemaakt want ik was in Kasteel Rosendael druk bezig met het omtoveren van de trouwzaal naar een toverkamer. Maar de aankomst was geweldig om te zien. Wij stonden op het bordes (verkleed en geschminkt als heks, zie foto's) de stoet toe te zwaaien. Eén collega kwam de prachtige oprijlaan opgerend met een camera in haar hand. Achter haar reed de koets, voorgetrokken door paarden en de kinderen enthousiast zwaaiend achterin. Daarachter reed de witte limousine met de oma’s en de opa. En de stoet werd afgesloten door de Flap (een auto van de Postcode Loterij). De stoet trok onderweg uiteraard veel bekijks en hoopvolle gezichten want was de Kanjer van 25,8 miljoen al gevallen? In deze buurt? Maar helaas!
Gelukkig waren de kinderen al gewend aan de heks die ze op de manege hadden ontmoet dus voor de kinderen waren we geen enge verschijning waar we van te voren een beetje bang voor waren.
Tijdens de gezamenlijke lunch was het een dolle boel. De meisjes werden omgetoverd tot heks en prinses en er werd gedanst op het toepasselijke liedje ‘Hocus pocus iedereen kan toveren’ van K3. Het feest werd gestopt toen er een echte hofdame binnenkwam die de groep meenam voor een prinsessenrondleiding. De kinderen leerden tijdens de rondleiding om te eten als prinsesjes, te buigen als prinsesjes, te lopen als prinsesjes en ze moesten zelfs een kikker kussen in de hoop dat het een prins werd. Ze slaagden zelfs voor de test om het kussen met de erwt te onderscheiden van de gewone kussens. Bij een grote deur nam de hofdame afscheid. Achter deze deur woonde een oude tovenaar en daar durfde de hofdame niet naar binnen. De meisjes uiteraard wel, gesteund door Pipi Langkous. In de toverkamer stond Wilmor de tovenaar alsof hij rechtstreeks uit een sprookje was weggelopen en gaf gedurende een uur een fantastische show weg met als klapper het terug toveren van Witje.
Na deze dag werden ze weer netjes met de limousine thuis afgezet waar we voor friet en kippenpootjes (het lievelingseten van de kinderen) hadden gezorgd. De familie nam met tranen in hun ogen afscheid van Pipi en konden ons niet genoeg bedanken. De hele dag was één groot feest geweest. Missie geslaagd!
’s Avonds toen ik moe maar voldaan thuis was kregen we nog een sms van een medewerkerster van Stichting Doe een Wens die ons voor de zoveelste keer bedankte. Voor hen was het uiteraard ook een spannende dag aangezien zij voor de eerste keer de organisatie van een wensdag uit handen hadden gegeven. Maar ook zij waren onder de indruk. Wat een dag. Wat een organisatie. Wat een fijn gevoel. Wat een mooi doel. En wat een eer dat ik hier aan mee mocht werken!
Oh, en die foto hierboven: dat ben ik dus!
|
|
|
 |
 Liefdesverdriet
Amsterdam
|
29 Maart 2007 | 17:30:09
 |

1 januari 2007. Een nieuw jaar dus nieuwe kansen. Ik begin meteen goed. Ik trek in bij Vriend. Van de mooiste stad van de wereld verhuis ik naar een mooi dorpje. Want ik wil niets liever dan samen met Vriend zijn. Samen slapen, samen wakker worden, samen eten. Samen zijn. Daarbij is het financieel gunstiger maar dat terzijde om deze romantische inleiding niet te verpesten.
Dus nu woon ik een dorp, een mooi groen dorp. Grenzend aan de mooiste stad van de wereld.
Zaterdagochtend, 8.30 uur. Het is al licht en de stad ontwaakt. Ik ben onderweg en rijd door Amsterdam. Of het komt omdat de lente weer in aantocht is weet ik niet, maar tranen springen in mijn ogen. Ik mis ineens heel erg deze stad. Amsterdam met haar prachtige grachten, Amsterdam met haar mooie huizen, Amsterdam met haar karakteristieke straatsteentjes. Ik mis zelfs de Dam, de duiven, de toeristen, de fietsers, de toeristen óp fietsen. Ik mis het leven in Amsterdam. Amsterdam, die grote stad maar met de charme van een dorp.
Niet meer even snel op de fiets naar de binnenstad om nog even een kop koffie te drinken of even een lekker broodje te eten. Niet meer in de zomer binnen een paar minuten in het park zijn waar je met vrienden onder het genot van een hapje en een drankje geniet van het weer, van het samen zijn en van het leven. Niet meer op het laatste moment, terwijl je juist besloten had om thuis te blijven, toch even één biertje te drinken. Want even is niet meer. Even is nu 40 minuten fietsen naar de binnenstad.
In een vlaag van onbezonnenheid grijp ik naar mijn telefoon om Vriend te bellen en hem in te lichten over mijn hervonden liefde. Hem te zeggen dat ik helemaal niet zonder kan en niet zonder wil. Maar hetzelfde moment bedenk ik me dat het bellen van Vriend geen zin heeft. Vriend haalt op dit moment onze nieuwe auto op bij de garage. Onze mooie nieuwe auto waar we aardig wat spaargeld voor hebben neergelegd. Een auto die ík zonodig moest hebben want ík had immers nu mijn rijbewijs en ík moest zonodig ten alle tijde naar mijn vrienden toe kunnen. Een auto, terwijl ik ook een fiets heb en Vriend een motor. Een auto, o zo handig, maar een beetje overbodige luxe is het wel.
Ik stop mijn telefoon weer weg en leg me neer bij het feit dat we gekozen hebben voor een auto en het leven in een dorp. En heel mooi dorp aan de rand van Amsterdam dus wat piep ik nou eigenlijk? Daarbij is Amsterdam niet ‘all that’. Want in Amsterdam is er geen plek voor én een auto én een motor én een leuk huis. Ik woon tenminste in een dorp waar je geen half maandsalaris kwijt bent aan parkeergeld, in een dorp waar je überhaupt geen parkeergeld hoeft te betalen. Ik woon in een dorp waar de duiven je niet om de oren schijtenvliegen, in een dorp waar je niet hutjemutje op elkaar woont maar waar ik uitkijk over een plas met een fontein en heel veel groen. Ik woon in een dorp waar je niet over junkies heen moet stappen om je eigen huis naar binnen te kunnen gaan, waar je 's nachts niet wakker schrikt omdat er een paar idioten aan iedereen in jouw straat willen laten weten dat ze dronken zijn. Nee, ik woon in een dorp waar het rustig is. Waar het schoon is. Waar het stil is.
|
|
|
|
|
|